Overal waar we komen

BSRetro: 2009, een zomer-NAC-droom (XI)

Castor

Het is nu bijna ondenkbaar, maar exact tien jaar geleden maakte NAC de mooiste zomer in haar recente geschiedenis door, met play-offs, Europees voetbal, een heerlijke selectie en tal van mooie dromen over een stabiele toekomst in de subtop. Daarom blikken we terug op een geweldige tijd, die in alles een negatief was van het plaatje van nu, maar tegelijkertijd óók typisch NAC bleek. Vandaag het één-na-laatste deel XI, over lege fusten, manke kalfjes en het Waalwijk van Castellón.

Het is een uur of zes ’s ochtends als ons pa de A58 op draait. Het is donderdag 27 augustus 2009, door de vroegte staat er geen file bij knooppunt Galder. Op de bijrijdersstoel bladert ons moeder in een damesblaadje met zachte kleuren, door artikelen over sandalen en salade. Ik probeer het te negeren, ik probeer achterover te leunen met mijn ogen dicht, maar ik kom niet écht in slaap. Misschien door het geritsel van het blaadje, misschien omdat het door de vroege zomerzon te licht is, misschien omdat StuBru krankzinnig obscure plaatjes draait die ik niet kan negeren. ‘1000 jaar’, van B.E.D., ‘Moscow Diskow’, van Telex. (Echt, what the hell, België?)

Vanavond speelt NAC haar (mogelijk?) laatste Europese wedstrijd van dit seizoen, tegen Spaanse subtopper Villarreal. Afgelopen week verloor NAC thuis, volgens sommigen geflatteerd, met 1-3, wat (normaal gesproken) betekent dat het na vanavond einde verhaal is in de Europa League. De vrijwel perfecte seizoenstart in de competitie kreeg dit weekend eveneens een knauw, toen er in Eindhoven met dezelfde cijfers van PSV werd verloren: de realiteit begint Breda langzaam weer in te halen.

Maar om een ingecalculeerd verlies in Eindhoven maalt eigenlijk niemand, zoals ikzelf ook niet echt kan zitten met de (nagenoeg) kansloze missie waar NAC vanavond voor staat, in het oosten van Spanje. En we zijn niet de enigen: er zal zeker een man of 2000 de tocht naar de comunitat Valenciana maken. Na wat handig gesjacher en kaartjes op naam van bekende niet-reizigers, kunnen we met het hele gezin, vader, moeder, mijn broer en ik, naar de wedstrijd. We rijden richting Zaventem, waar Vueling de reis naar Spanje zal verzorgen voor ons drieën.

Som la gent groc-negre

Ons drieën, want nummer vier is al zo’n beetje ter plaatse. Mijn broer is, in de zomer van 2009, de seizoenkaarthouder die mogelijk het verste van Breda, maar het dichtste bij Villarreal woont. “Ik werkte die zomer van april tot september in een hotel in Lloret de Mar,” kijkt hij nu terug. Een onhandig moment om buiten Breda te wonen, want het gaat, als bekend, lekker met NAC. “Ik heb inderdaad de play-offs van 2008/09 en de eerste Europese wedstrijden gemist, al heb ik ze gelukkig wel kunnen zien. Bar De Bommel, een Nederlands café met een sympathieke eigenaar uit Roosendaal, zat bij het hotel in de buurt, en die had gelukkig Eredivisie Live, dus dat was gelijk mijn vriend. De play-off-wedstrijd uit tegen Feyenoord, en de eerdere Europese wedstrijden heb ik toen dus wel allemaal, veelal live of anders de samenvattingen, op televisie kunnen zien.”

De thuiswedstrijd in Breda mist hij logischerwijs óók, maar het is niet de eerste keer dat hij Villarreal in actie zal zien, vanavond. “Ik woonde op een uur reizen van Camp Nou, en ik had het geluk nog kaartjes te kunnen krijgen voor de wedstrijd Barcelona-Villarreal, de mogelijke kampioenswedstrijd voor Barça. Daar ben ik heengegaan met mijn collega en buurvrouw, een die-hard Willem II'er. Toen Barcelona op 3-1 kwam zei ik voor de grap dat het misschien nog spannend kon worden als er rode kaart zou vallen. Maar binnen een paar minuten kreeg Abidal inderdaad rood, en viel de 3-3 inderdaad nog in de laatste minuut. Barcelona heeft toen zelf zijn eigen kampioensfeest begaaid; we zijn daarna nooit meer samen naar het voetballen geweest, maar we hebben later wel nog eens wat Jupilers uitgewisseld als één van de twee clubs weer eens gedegradeerd was."

Dat Villarreal uit de koker komt als tegenstander is dan ook een fijne verrassing. “Ik was sowieso al van plan de uitwedstrijd te bekijken, ongeacht de tegenstander, maar toen het Villarreal werd, de eerste echte fatsoenlijke tegenstander dit toernooi, en ook nog eens in Spanje, ging ik natuurlijk zéker. Eerlijk gezegd leek het me op dat moment ook geen kansloze loting: NAC had, met Penders en Zwaanswijk, met Van der Leegte, met Lurling, een team waarmee altijd iets mogelijk was. Een ploeg die er altijd voor ging. Maar na die 1-3 thuis wist ik natuurlijk al dat het een bijna onmogelijke opgave geworden. Maar goed, dat hield ons natuurlijk niet tegen om alsnog te gaan.”

 

Plaatselijke verkeersopstopping in het centrum van Villarreal. Voor wie het wil weten: gefilmd op het Plaça Mossèn Ballester.

¡No hay cerveza!

Mede door de omweg die we nemen (we vliegen op Barcelona voor een snelle gezinsreünie, huren daar een auto, en rijden van daaruit met zijn vieren naar Villarreal) zijn we redelijk laat in het stadje, dat qua formaat het Waalwijk van Castellón lijkt, een slaperig oord met dichte rolluiken waar met de beste wil van de toeristische wereld helemaal niks te zien is. We lopen langs het stadion, wisselen het omwisselbiljet bij een balie nabij het stadion in voor échte kaartjes, en wandelen verder door de lange, rechte, smalle, donkere straatjes in keurig ruitenpatroon, waar, naar goed Spaans gebruik, geen mens zich laat zien vóór een uur of acht. 

Het enige plein dat je ‘centrum’ mag noemen is het Plaça de la Vila, en is daarmee automatisch de aangewezen locatie voor een voetbalfan in den vreemde. De lange tafels waaraan honderden fans eerder die middag bier dronken zijn inmiddels al opgeruimd of besprongen, de paellera’s van het formaat tractorband zijn leeggegeten en afgewassen. En hoewel een algemene directeursmond eerder vandaag een duo mannenbillen kuste, zitten die billen inmiddels weer netjes in een korte broek, en de directeur, ongetwijfeld opgeslokt in de massale euforie op het supportersplein, proeft in een restaurant aan het stadion vast nog de zweterige herenkont op zijn zelfvoldane lippen, zelfvoldaan omdat hij NAC vanuit een uitzichtloze, bijna-failliete situatie Europa in geloodst heeft, zelfvoldaan door alle schouderklopjes, felicitaties en dankbetuigingen die de afgelopen voetbaljaren hem hebben opgeleverd. Want zonder hem geen Europese trip als vandaag, dat weten de fans, dat weet hij zelf.

Wat wij zelf aantreffen is een feestende, zingende massa vrolijke fans, die al langzaam richting de wedstrijd begint te bewegen, zo rond een uur of half zes. “Villarreal zelf was natuurlijk geen wereldstad,” bevestigt mijn broer, “maar dat daar zoveel mensen uit Breda waren was natuurlijk wel heel bijzonder. Daar hadden ze in het dorp zelf trouwens niet op gerekend, want al vrij snel was overal het bier op. Ik heb ze daar nog met grote fusten over straat zien slepen, maar het heeft waarschijnlijk niet veel uitgehaald. Ze hadden niet verwacht dat er na de thuiswedstrijd alsnog duizenden mensen kwamen zuipen.”

Gegeven het feit dat de wedstrijd om 20:30 begint is er overigens nog geen restaurant open (het blijft Spanje), dus we belanden bij een Marokkaans restaurant ergens halverwege centrum en stadion. We drinken clara (bier met citroenfris, eigenlijk een zelf te mixen Spaanse radler) en eten iets shoarma-achtigs met rijst en friet op een terras.

 

Kelderen

Het is een hele klim naar boven, als we eenmaal binnen zijn. Het uitvak van El Madrigal is als een extra tribune bovenop het stadion geplaatst, en torent aan de korte kant hoog boven de rest van het stadion uit. Met enige fantasie doet het denken aan de lange zijde aan de Beatrixstraat van vroeger. Maar vanuit de plek waar wij terecht komen, ergens halverwege de tribune rechts van het midden, is het doel aan deze kant van het veld nauwelijks te zien, zeker als aan de onderkant van het uitvak de wedstrijd staand wordt bekeken (zoals het, in een uitvak, eigenlijk ook hoort, natuurlijk).

Wat in het feestgedruis in het dorp bovendien niet is doorgedrongen, en misschien ook wel niet uitmaakt, is de opstelling van NAC vanavond. Rob Penders, Csaba Fehér, Matthew Amoah, Anthony Lurling, Tyrone Loran, Kurt Elshot, Tommie van der Leegte en Tim Gilissen zijn om uiteenlopende redenen niet of nauwelijks inzetbaar, wat maakt dat de opstelling deels uit reserveklanten, deels uit gemaakte verdedigers, en deels uit fantasie bestaat. Zet daar tegenover dat Villarreal, tegen de verwachting in, met de vaste basis aan de wedstrijd begint, met alle internationals, aankopen en talenten die ook tegen pakweg Atlético Madrid zouden spelen, en de verwachtingen van de wedstrijd, die toch al niet mega-hoog waren, kelderen bij de warming-up nog verder.

En dat valt mijn broer, als hij er nu op terugkijkt, ook nu nog op. “Al in de thuiswedstrijd merkte je na de 1-2: het geloof was weg. Bij de uitwedstrijd zag je dat ook aan de opstelling, met Ferne Snoyl en Tim Hofstede in de basis: het voelde een beetje alsof heel NAC het vooral leuk vond om er te zijn, in plaats van er echt voor te gáán. Het was geweldig om in het uitvak mijn vrienden weer te zien na een paar maanden, die waren in één dag bijna zonder pauzeren naar Spanje gereden. Het was een geweldige ervaring met zoveel NAC-fans in het buitenland. Maar de wedstrijd zelf... tja, die maakte geen diepe indruk.”

Want het moge duidelijk zijn: sportief wordt het een avondom snel te vergeten. Door onze beperkt-zichtlocatie is niet te beoordelen of de twee strafschoppen voor rust terecht worden gegeven, want het strafschopgebied is amper zichtbaar; dat die ballen erin gaan maken we op uit het gejuich vanuit de thuisvakken onder ons. De omroeper roept de naam van elke doelpuntenmaker plichtsgetrouw drie keer (‘Santi, Santi, Santiii Caaaaazorla!’), om nog een beetje het idee te geven dat hij een fanatieke heksenketel opzweept, maar de stemming onder de Spanjolen is vooral meewarig, zeker omdat het pleit met 3-0 voor rust al beslecht is.

 

Slechte wedstrijd van NAC, nog veel slechtere beelden ván die wedstrijd. Gele filter, slecht verstaanbaar clublied, blokkerige beelden, zeker vier van de zeven goals op beeld. Vakwerk.

Opschakelen

Sfeer hangt er maar amper in het stadion (“bij de aftrap leek het of er amper Villarreal-fans waren, maar kennelijk hoorde het bij Spaanse voetbalcultuur dat je gaandeweg de wedstrijd een keer komt aansloffen”), maar voor sfeer in het stadion heb je twee partijen nodig. Pas na rust, als vrij vlot ook de 4-0 valt (‘Marcos, Marcos, Marcoooos Sennaaa!’) schakelt het uitvak door naar een hogere versnelling. Vrijwel de gehele tweede helft is één langdurend vraag- en antwoordspel van ‘Breda’s Yellow Army / NAC NAC  Yellow Black Army’. Bij elke tegengoal (‘Kiko, Kiko, Kikooooo, Kiko!’) wordt er bovendien nóg minder op de wedstrijd gelet, en nog harder gezongen. El Spiderman Holandes, zoals de volgende dag in de plaatselijke krant zal staan, krijg het NAC-vak op de banken door hoog in het net te klimmen, met gevaar voor eigen leven en tot verwondering van Bredanaars én Spanjaarden aan beide kanten van het hek.

En die vocale inzet wordt beloond. Na een uur spelen, en zes makkelijke goals, gelooft Villarreal het verder wel. Maar als na tachtig minuten de 6-1 valt, een uitbraakje dat wordt afgerond door Edwin de Graaf (of althans, dat denk ik, want ik zie het strafschopgebied niet), ontploft het uitvak alsnog. De reis zelf was lang, de wedstrijd nog langer, maar met een doelpunt is de eer voor NAC gered, de exodus niet voor niets, en Edje kroont zich tot Europees topscorer allertijden voor NAC, met een potverdikkeme monumentaal totaal van vier goals. De uitzinnigheid om zo’n triviaal doelpunt past helemaal bij de wedstrijd die zwaar inwerkt op je gevoel voor galgenhumor, en dat zijn de meeste NAC-fans kennelijk nog niet verloren na een hete, mooie zomer.

 

'Found footage' van El Spiderman Holandés, gefilmd vanuit een Spaans thuisvak (met, aan de beelden te zien, een smartphone uit 1958).

Bubbel

In het holst van de nacht rijden we over de autopista del Mediteraneo terug naar Barcelona. Ik heb nog zeker een uur of vier te slapen voor ik, op vrijdagochtend, weer met het vliegtuig naar Brussel vertrek. Mijn ouders blijven met mijn broer nog een weekje langer in de Catalaanse hoofdstad, maar ik word zaterdag weer bij het restaurant waar ik werk verwacht, dus ik laat Spanje voor wat het is.

De bus die me van Zaventem naar Antwerpen brengt sluit mooi aan op de trein naar Breda, maar eenmaal in Breda mis ik de bus naar huis op vijf minuten. Het biedt ruime gelegenheid voor een broodje bij de Subway, en ik koop de BN/DeStem om te lezen over wat er gisteravond allemaal gebeurd is, want veel van de wedstrijd heb ik zelf niet gezien.

Ik hou rekening met een dik sportkatern en pagina na pagina aan NAC-nieuws, maar de realiteit is dat het qua aandacht wel meevalt. Een extra artikel, een recht-toe-recht-aan wedstrijdverslag, en dat is het wel. Voor mensen buiten de NAC-bubbel (ik kan het me niet voorstellen, maar ze zijn er) is Villarreal-uit een evenementje in een ver buitenland op een normale donderdag, in een normaal jaar, in een normale komkommertijdzomer, met rellen op het strand van Hoek van Holland om over te berichten, of over de lotgevallen van een minderjarig meisje alleen op een zeilboot.

Ik zet, omdat ik slecht ben in inschatten wat gezonde porties zijn, mijn tanden in een footlong met gehakballetjes, en er drupt tomatensaus op een stukje stadsnieuws. Wat de krant ook zegt of niet zegt: afgelopen 36 uur zijn het voorlopige hoogtepunt in mijn supportersbestaan. Ver weg een NAC-feest vieren is alles waar je als fan hele seizoenen op mag hopen, en het is een droom die, zeker als Bredase supporter, maar heel zelden uitkomt. Dat ik er bij heb mogen zijn voelt als een voorrecht, dat ik het heb mogen meemaken met het hele gezin geeft nog meer betekenis aan de trip, en dat NAC, als een mank kalfje in een volwassen stierenvechtersarena, finaal voor gaas is gegaan, maakt eigenlijk niet eens zoveel uit.

En wat mij betreft is het de opmaat naar veel meer, want met deze selectie zijn spannende bekertoernooien, goede Eredivisie-seizoenen, gewonnen play-offs, en zelfs Europees voetbal een realistische optie geworden. Deze spelers kunnen het. Deze coach kan het. En deze voetbalorganisatie krijgt het financieel georganiseerd. Ik veeg mijn snoet af, loop richting bus 131, en stap met vertrouwen de toekomst tegemoet, want ik ben in de mooiste periode in de geelzwarte geschiedenis, als busreiziger én als NAC-fan, op de juiste tijd, op de juiste plaats.

 

Sfeerbeeld uit de tweede helft. De goede luisteraar hoort Jonathan ('Jony') Pereira de 5-1 maken (hoor ook de omroeper, trouwens). Indrukwekkender is dat het hele uitvak daar geen enkele acht op slaat, en gewoon nóg harder doorzingt. Grote klasse.
Vorig bericht
Woensdagochtend training in het stadion 13 reacties
Volgend bericht
Peek keert niet terug naar NAC 8 reacties
Terug naar overzicht
2 Reacties
1    
since1912

Die bijna eindeloze ‘Breda’s Yellow Army’ en die spiderman in de netten.... Dat is nog steeds een van mijn hoogtepunten als NAC-supporter, als ik dat filmpje nu weer zie krijg ik gewoon nog kippenvel. Fantastisch.

0    
Van "raajlaand

Bedankt wederom voor het plaatsen van de voor mij herkenbare text.
Altijd leuk om weer terug te lezen en dromen....

Laad alle berichten na dit bericht in
Nee
Ja